Duizend ogen in het donker

  • February 13, 2014 00:16

Een vooruitblik op het totalitaire tijdperk

Tijdens de 2dH5 samenkomst van 2014 gaf ik een workshop over zorgwekkende ontwikkelingen in de Nederlandse samenleving. Ik deed dit aan de hand van een analyse van Britt, in 2003 verschenen in de Free Inquiry, van veertien gemeenschappelijke kenmerken van historische fascistische regimes en hun vertaling naar een hedendaagse context.

In deze workshop stonden twee vragen centraal:

  • Is er in de huidige Nederlandse samenleving sprake van (rijzend) fascisme of wordt de term te pas en te onpas gebruikt?
  • Als er sprake is van fascisme, is het dan niet contra-productief om die term te gebruiken bij verzet daartegen?

Tijdens de workshop en het daaropvolgende debat zijn we op drie door Britt genoemde kenmerken dieper ingegaan: nationalisme, militarisme en de obsessie met nationale veiligheid.

 

De tekst hieronder is de volledige uitwerking van deze drie punten en zal onderdeel zijn van een latere publicatie over het risico van de ontwikkeling van Nederland als totalitaire staat.

 

Krachtig en voortdurend nationalisme

Britt: “Fascist regimes tend to make constant use of patriotic mottos, slogans, symbols, songs, and other paraphernalia. Flags are seen everywhere, as are flag symbols on clothing and in public displays.”

 

01-eigenvolkeerstKent Nederland uitgesproken nationalisme? De PVV, met een duidelijk nationalistisch programma, kent een toenemende aanhang, maar extreem nationalistische groeperingen zoals Voorpost zijn al jaren marginaal. Het nationalisme is ons land is dan ook niet zozeer zichtbaar in dit soort organisaties (alhoewel extreem-rechtse organisaties bij de laatste PVV demonstratie ongestraft met leuzen als ‘Eigen volk eerst’ en de Hitlergroet naar voren kon treden), maar met name in een alledaagse nationalistische trend, die de afgelopen jaren zichtbaar sterker is geworden.

 

01-geboortekaartje3Onschuldige voorbeelden zijn de ‘Holland-rage’ in gebruiksartikelen of bij geboortekaartjes, waarin de Nederlandse driekleur te zien is, samen met Hollandse symbolen als delfts blauw, molentjes en klompen.

Toch is het de vraag of ook deze huis-, tuin- en 01-tvhouvanhollandkeukenvoorbeelden zo onschuldig zijn; het repetitieve en onschuldige karakter maakt wel dat er geruisloos een vaderland-minnend geluid in ons dagelijks leven sluipt.

 

01-zwartepietprotestDat nationalisme in Nederland allesbehalve onschuldig is, bleek ten volle tijdens het Zwarte Pieten debat in 2013, waar ‘onze cultuur’ met grof verbaal geweld verdedigd werd en critici op het fenomeen maar ‘moesten oprotten naar hun eigen land’.

01-prinsenvlagspeldjeEen ander duidelijk voorbeeld was ook het dragen van de Prinsenvlag-speldjes (ten tijde van de Tweede Wereldoorlog gebruikt door de NSB en daarna vooral gebruikt door extreem-rechtse groeperingen) door Tweede Kamerleden, vlak na de PVV demonstratie. Over diezelfde PVV: toenaderingspogingen tussen de PVV en Marine le Pen van het Franse Front National riepen nauwelijks vragen op bij de andere politieke partijen, terwijl ze in het buitenland wel opschudding veroorzaakten.

 

Uitgesproken nationalisme zagen we niet alleen bij de discussie over het fenomeen Zwarte Piet, maar ook als reactie op de vele vluchtelingenprotesten in 2012 en 2013. Als het asielbeleid betreft, dan horen we aan alle kanten van het politieke spectrum een nationalistische retoriek: het is ‘ons land’ voor en ‘ons land’ na, met ‘onze banen’ en ‘onze uitkeringen’. Deze retoriek wordt door de media vrijwel letterlijk overgenomen.

Het onderdeel ‘kennis van de Nederlandse samenleving’ van de inburgeringstoets (en het verplicht stellen hiervan!) is een duidelijk staaltje nationalisme, zowel in opzet als inhoudelijk. Hoewel er een aantal landen zijn die een soortgelijke procedure opleggen aan immigranten, zijn er toch substantiële verschillen. Nederland is het enige land dat immigranten al in het land van herkomst een inburgeringstoets laat doen. Duitsland stelt een cursus over de Duitse taal en het land wel verplicht, maar kent geen verplichte examens. In andere landen worden er pas bij naturalisatie verplichte toetsen gemaakt.

01-inburgeringstestOok de inhoud verschilt: inburgeringscursussen van andere landen gaan meestal over de staatsstructuur, burgerrechten en maatschappelijke organisatie. In Nederland gaan het merendeel van de vragen over de Nederlandse mentaliteit, die in plaats van cultuurgebonden als ‘neutraal’ en ‘natuurlijk’ wordt gezien en die mensen met een andere culturele achtergrond zich dus zonder meer eigen te dienen maken.

 

Kent het Nederlandse beleid en de publieke opinie een ‘krachtig en voortdurend’ nationalisme? Nationalistische gevoelens blijken krachtiger te zijn dan we in eerste instantie zouden vermoeden. Wellicht verdienen ze nog niet het label ‘voortdurend’, maar nationalisme duikt wel in toenemende mate op in beleid en alledaags discours.

Loopt Nederland hierin voorop in vergelijking met andere landen?

Niet in vergelijking met openlijk nationalisme zoals dat op dit moment in landen zoals Griekenland en de Oekraïne te zien is. Maar de stuitende verheerlijking van ‘onze cultuur’ in het Zwarte pieten debat was in tal van andere landen ondenkbaar geweest.

 

Hegemonie van het militarisme

Even when there are widespread domestic problems, the military is given a disproportionate amount of government funding, and the domestic agenda is neglected. Soldiers and military service are glamorized.

 

Nee, we zien nog geen legers door onze straten marcheren. Op de vraag of we in Nederland met een rijzend fascisme te maken hebben, is dit vaak het argument dat ter ontkenning wordt gegeven. We hebben geen dictator en er staan geen soldaten op iedere hoek van de straat.

04-callofdutyMaar betekent dat dan dat de Nederlandse samenleving verschoond is van militarisme? Geenszins. De verheerlijking van militarisme gebeurt in de huidige context op een sluipende manier. In de digitale werkelijkheid zien we het aan de ongekende populariteit van war games zoals Call of Duty en Medal of Honour.

Maar ook in het echte leven neemt militarisme een steeds prominentere plaats in. We hoeven alleen naar de cijfers en ontwikkelingen te kijken om te zien dat militarisme – een voorliefde voor uniformen, wapens, hiërarchieën, bevelen en gehoorzaamheid, zoals Wikipedia het omschrijft – maatschappelijk geaccepteerd en zelfs gewaardeerd wordt. 04-nsIk noem bijvoorbeeld de bijna 30.000 personeelsleden binnen de Nederlandse beveiligingssector, allemaal voorzien van uniform. Tel daar nog eens 30.000 BOA’s bij op, naast de ruim 120.000 werknemers van politie en defensie zelf, sterk hiërarchisch georganiseerd, in toenemende mate bewapend en waaraan de cultuur van bevel en gehoorzaamheid de essentie zelf is.

04-beveiliging

Kunnen we wel stellen dat de explosief groeiende private beveiligingssector een signaal is van rijzend militarisme? Op het eerste gezicht misschien niet, maar het is wel verontrustend dat er tien jaar geleden in de meeste Europese landen al meer mensen werkzaam waren in de private beveiligingssector dan bij politie en defensie en dat hun aantal alleen maar toegenomen is. De sector neemt ook steeds meer taken over die vroeger deel uitmaakten van de publieke beveiliging, zonder daar evenwel dezelfde regulering en wetgeving bij te hebben. Kortom: er is een forse toename aan ‘privélegers’, ook in Nederland.

 

04-uniformEén van de kenmerken van militarisme is, zoals eerder genoemd, de voorliefde voor uniformen. Ik wijs dan ook in dit kader op de huidige tendens om beroepsgroepen, ook die waarbij dat niet relevant is, te voorzien van een uniform.

04-trigionautoNiet alleen de mensen krijgen een uniform; het is verbazingwekkend hoeveel politieauto-‘look-a-likes’ er inmiddels rondrijden. Waarom zou een personenauto van een gemeentevervoersbedrijf een auto nodig hebben met blauwe bestreping? Ik noem in hetzelfde kader het – is het u opgevallen? – politieuniform dat steeds meer militaire trekjes krijgt.

04-veva

De dienstplicht verdween, maar de MBO opleidingen voor veiligheidsmedewerkers en militaire trainingen schieten als paddenstoelen uit de grond. Drones, camera’s (al dan niet met digitale gezichtsherkenning of audio-opnamemogelijkheden) en andere uit de defensiewereld afkomstige high-tech apparatuur wordt ingezet in onze dagelijkse leefomgeving – en iedereen vindt dat normaal. Het haalde de publiciteit nauwelijks, maar tot twee keer toe werden legereenheden ingezet bij puur justitiële taken: huiszoekingen bij recherchewerk.

04-nuclearsummit01Bij het Nuclear Summit in maart 2014 in Den Haag wordt dit alles enthousiast door de overheid uit de kast getrokken. Hoewel Dick Schoof, nationaal coördinator van Terrorismebestrijding en Veiligheid beweert dat het ‘geen militaire operatie’ is, wordt er wel degelijk militaire mankracht en materieel ingezet: de marine bewaakt de kust, de luchtmacht het luchtruim, een gedeelte van het gebied wordt tot ‘internationaal grondgebied’ verklaard en in totaal worden meer dan 20.000 medewerkers ingezet. Ter vergelijking: bij de oorlog in Afghanistan werden in de Operatie Taskforce Uruzgan 1.400 mensen ingezet.

Tenslotte is er natuurlijk ook de Nederlandse deelname aan Frontex, de militaire organisatie – zonder duidelijk overheidstoezicht – die de Europese grenzen moet ‘harmoniseren’, zoals ze dat zelf noemen. In vier jaar tijd nam Nederland deel aan 87 Frontex grensbewakingsoperaties en 33 ‘terugkeeroperaties’.

 

Verwaarlozen we, zoals in de definitie van Britt, ons binnenlands budget in faveur van het defensiebudget? Kijkend naar de verdeling van uitgaven per ministerie, dan zien we dat er aan defensie, veiligheid en justitie nog steeds structureel minder wordt uitgegeven dan aan zorg en onderwijs. Maar het is minstens bizar te noemen dat er op de zorg – toch al een kwetsbare sector door de jarenlange kaalslag – in 2014 1,5 miljard euro bezuinigd moet worden, terwijl er wel 37 JSF-toestellen worden aangeschaft voor een totaalbedrag van ruim 4 miljard euro. En dat terwijl het ministerie van Defensie in de kabinetsplannen aangeeft vanaf 2014 nog maar één grote missie tegelijkertijd aan te willen gaan.

 

Is er in Nederland sprake van verheerlijking van het militarisme?

Voor een land waarin, nauwelijks veertig jaar geleden, nog 550.000 mensen demonstreerden tegen kernwapens, 3,7 miljoen mensen een petitie daartegen ondertekenden en dat prat ging op zijn anti-militaristisch activisme en dienstweigeraars, is de omslag van de laatste decennia opzienbarend. Die omslag kenmerkt zich misschien niet zo in openlijke verheerlijking, dan wel in het kritiekloos accepteren van militarisme in het dagelijks leven.

Loopt Nederland hierin voorop in vergelijking met andere landen?

Nee, nauwelijks. Opkomend militarisme is een geglobaliseerd fenomeen, in een wereld waarin ‘veiligheids’- en defensiebudgetten exorbitante hoogtes aannemen – ten koste van alle andere sectoren.

 

Obsessie met nationale veiligheid

Fear is used as a motivational tool by the government over the masses.

 

Van alle kenmerken door Britt gedefinieerd is dit de meest evidente: we leven in een angstcultuur. Als ik hier voorbeelden van zou moeten opsommen, dan zou ik een heel boek kunnen schrijven. Maar: het is ook een controversieel kenmerk. Niet alleen omdat angst als drijfveer een wereldwijd fenomeen is, maar ook omdat het lastig te zien is wanneer angst gebruikt wordt als wapen door mensen onderling en wanneer het initiatief bij de overheid ligt.

07-aivdSommige voorbeelden zijn overduidelijk, zoals de jaarlijkse rapporten van de AIVD. Linkse activisten worden daarin al jarenlang vermeld, maar de terminologie wordt steeds dreigender: ‘linkse radicalen’, ‘linkse extremisten’, ‘asielextremisten’ en sinds het laatste rapport is dit rijtje aangevuld met ‘anarcho-extremisten’. Is dit een terechte waarschuwing voor een toenemende dreiging? De voorbeelden die de AIVD in haar rapporten uit de kast trekt zijn al jaren dezelfde. Maar de overheid laat het niet bij dreigende taal in rapporten; 07-joke2in 2013 werd activiste Joke Kaviaar tot vier maanden cel veroordeeld wegens – let op – het schrijven van vier teksten op internet.

Bij de arrestatie en daarop volgende huiszoeking werd behalve ‘opruiing’ (de uiteindelijke aanklacht) zelfs de aanvulling ‘met terroristisch oogpunt’ gebruikt, alles om de indruk van een bijzonder grote dreiging op te wekken en zo het disproportionele handelen van de politie (bij de huiszoeking werden talloze spullen in beslag genomen en meer dan 300 foto’s gemaakt van haar persoonlijke leefomgeving) te rechtvaardigen tegenover het grote publiek.

De angst die hiermee gepoogd wordt te zaaien, komt overeen met de angst in een klassiek beeld van een fascistisch regime. Het is de angst om als politieke activist opgepakt en vastgezet te worden, niet omdat iemand criminele feiten heeft begaan, maar op grond van zijn politieke weerwoord.

 

Toch is dat niet de angst die ik bedoel als ik ‘de obsessie met (nationale) veiligheid’ vertaal naar een moderne context. Die angst zit meer in alledaagse dingen, in ons niet-politiek handelen. Het gaat dan niet om de angst om in donkere ondergrondse cellen terecht te komen, maar maatschappelijke en sociale angst. Een angst die de middenklasse stevig in zijn greep heeft tegenwoordig.

05-ziekenhuisbevallingHet begint al bij de geboorte, als de moeder liever thuis wil bevallen dan in het ziekenhuis. “U wilt toch niet dat de baby enig risico loopt?”, wordt er dan gevraagd. In de wereld van de pro-natuurlijke bevallingen heet dat ‘het uitspelen van de dode-baby-kaart’. De dreiging en het het verwijt dat hier tussen de regels door klinkt, is voor veel vastbesloten ouders een hele harde dobber. 07-mazelenDan, als de pasgeborenen er nog maar net zijn, laten we ze vaccineren, uit angst voor de zoveelste mazelen-epidemie. We laten ze testen, labelen, we geven ze medicatie. Bang dat ze later falen op de carrièreladder plaatsen we ze op ‘ondernemende scholen voor een succesvolle toekomst’.

 

Angst voor een boete maakt dat we keurig inchecken met onze OV-chipkaart – ook als er geen controleur is, het eigenlijk veel te duur begint te worden en de overheid ook nog eens te pas en te onpas onze gegevens kan navragen om onze gangen na te gaan. Angst om sociaal buiten de boot te vallen maakt dat we de kop niet boven het maaiveld uit zullen steken, niet zullen protesteren, niet zullen weigeren ergens aan mee te werken. Er is hoogstens wat verongelijkt gezeur, dat de volgende dag vervangen wordt door verongelijkt gezeur over iets anders. Angst voor maatschappelijk falen – en een daaruit voortvloeiende obsessie met maatschappelijke veiligheid – wordt er bij ons met de paplepel in gegoten en zou er weleens de oorzaak van kunnen zijn dat wereldwijde massale protesten in de afgelopen drie jaar hier in Nederland maar zo weinig navolging hebben gehad.

08-camera

Dan is er de de meer evidente obsessie met veiligheid, natuurlijk. Die uit zich in onze eigen drang ons te omringen met buurtpreventieteams, verzekeringen, anonieme kliklijnen en alarminstallaties. Zoals al eerder bleek worden we daarin aangemoedigd door de overheid, die ondanks de al jaren dalende criminaliteitscijfers blijft hameren op veiligheid. De inzet van drones over de Nederlandse gemeentes, high-tech cameratoezicht, toenemende politiedwang, het zero-tolerance beleid, woninginspecties, de jacht op frauduleuze uitkeringstrekkers terwijl frauduleuze politici en CEO’s vrijuit gaan: het is allemaal ‘in het belang van onze veiligheid’.

 

Zijn we ons veiliger gaan voelen? Allesbehalve dat. Het is gemakkelijk om te zien dat al die veiligheidsmaatregelen ons gevoel van onveiligheid alleen maar hebben versterkt – en daarmee nog meer veiligheidsmaatregelen legitimeren. Als er dagelijks een helikopter over een woonwijk vliegt, worden mensen onrustig. Ze vragen zich af wat er aan de hand is en concluderen onbewust dat het kennelijk onveilig is – ook als er niets aan de hand is.

04-burgerblauwHetzelfde principe komt bij de buurtpreventieteams naar voren, blijkt uit onderzoek van de universiteit Leiden. De deelnemers aan een buurtpreventieteam gaan zich in de loop van de tijd vaak onveiliger voelen, juist omdat ze ‘s avonds patrouilleren en zichzelf daarmee in een bepaalde gemoedstoestand brengen. Dit gevoel van onveiligheid, hoewel juist veroorzaakt door de situatie zelf, is dan weer een reden om een buurtpreventieteam uit te breiden.

 

Is er in Nederland sprake van een obsessie met nationale veiligheid?

Kijken we naar de uitgaven van de AIVD over de afgelopen jaren – die in een tijdsbestek van tien jaar bijna vervijfvoudigd zijn en waarop in de laatste zes jaar ook niet bezuinigd is – dan kunnen we dat wel stellen, ja. Het blijkt niet alleen uit de budgetten van de AIVD, maar ook uit de toenemende bevoegdheden of zelfs grenzen die de AIVD overschrijdt zonder daartoe bevoegd te zijn.

Het feit dat ‘voor onze eigen veiligheid’ het ultieme argument voor álles is geworden, laat zien dat we zelf ook besmet zijn met die obsessie.

 

Loopt Nederland daarin voorop in vergelijking met andere landen?

Aan de hand van cijfers is dat lastig te stellen. Hoe verhoudt zich de explosieve groei van de beveiligingsindustrie in Nederland zich tot die van andere landen bijvoorbeeld? Het is wel kenmerkend dat ontwikkelingen die wereldwijd tot felle protesten en zelfs revoluties hebben geleid, zoals de acties tegen het dure OV in Brazilië, de huisuitzettingen in Spanje of de bankencrisis in de VS hier in Nederland nauwelijks van de grond zijn gekomen. De angstcultuur lijkt daarin een belangrijke rol te spelen, meer dan in andere landen het geval is.

 

Wordt vervolgd….